Begrippenlijst
|
|
A
B
C
D
E
F
G
H
I
J
K
L
M
N
O
P
Q
R
S
T
U
V
W
X
Y
Z
|
Begrip:
Heffingskorting
Vaste korting op de totale belastingsom (in plaats van belastingvrije som) in het huidige belastingstelsel (2001). Naast deze algemene korting zijn er nog extra kortingen zoals ouderenkorting en arbeidskorting.
|
Begrip:
Herbouwwaarde
Het (getaxeerde) bedrag dat benodigd is om een woning, die bijvoorbeeld is afgebrand, te herbouwen. Deze waarde is nodig voor een opstalverzekering en kan worden opgenomen in een taxatierapport.
|
Begrip:
Hoofdelijke aansprakelijkheid
Bij het aangaan van een verplichting, bijvoorbeeld een hypotheek, stelt men één of meerdere personen persoonlijk aansprakelijk voor de verantwoordelijkheden die aan die verplichting zitten.
|
Begrip:
Hoog-laag constructie
Met een hoog-laag constructie kunt u uw hypotheek aflossen door middel van een levensverzekering. Dit houdt in dat u de eerste jaren een veel hogere premie betaalt, waardoor direct een kapitaal wordt opgebouwd en uw vervolgpremies lager zullen zijn.
|
Begrip:
Huurbeding
Door een geldverstrekker in de hypotheekakte opgenomen beperking van de vrijheid van verhuren van de woning. De koper wordt hierdoor beperkt in zijn vrijheid om de woning te (onder)verhuren.
|
Begrip:
Huwelijkse voorwaarden
Voor het huwelijk wordt vastgelegd welke vermogensbestanddelen aan wie toebehoren. Toekomstig vermogen komt op naam van degene op wiens naam het is ingebracht.
|
Begrip:
Hybrideverzekering
Universal Life verzekering waarbij naast de beleggingsfondsen op basis van (beleggings)rendement ook een fonds kan worden gekozen op basis van een vergoeding gelijk aan de hypotheekrente die wordt betaalt aan de onlosmakelijk verbonden hypotheeksom. Een combinatie tussen beleggen en sparen.
|
Begrip:
Hypothecaire geldlening
Geldlening welke verstrekt wordt met als zekerheid een onroerend goed, waarop een hypotheek ten gunste van de geldverstrekkers wordt gevestigd. Een hypothecaire lening is een lening waarvoor een onroerende zaak bij notariële akte als onderpand dient. Meestal wordt de schuld expliciet in de akte omschreven. In het dagelijks taalgebruik wordt de hypothecaire lening vaak kortweg hypotheek genoemd.
|
Begrip:
Hypothecaire inschrijving
Een hypotheek wordt ingeschreven in het zogenaamde hypotheekregister. Daarin staat het bedrag en perso(o)n(en) die de hypotheek is/zijn aangegaan. Men kent meerdere soorten inschrijvingen: de bankhypotheek, de krediethypotheek en de vast inschrijving.
|
Begrip:
Hypotheek
Een notarieel vastgelegd zekerheidsrecht op een onroerende zaak, die regelt dat de onroerende zaak onder bepaalde voorwaarden dient als onderpand voor een vordering.
|
Begrip:
Hypotheekakte
Een hypotheekakte is de overeenkomst tussen u en de hypotheekinstelling, opgesteld door de notaris.
|
Begrip:
Hypotheekaktekosten
De kosten die de notaris berekent voor het passeren van de hypotheekakte, vermeerderd met de kosten van inschrijving in het hypotheekregister.
|
Begrip:
Hypotheekgever
De eigenaar van de onroerende zaak, die het recht van hypotheek verleend.
|
Begrip:
Hypotheeknemer
De instelling die de financiering verstrekt en daarom het recht van hypotheek krijgt. Alleen op basis van het recht van hypotheek op het onderpand (de woning) zal de geldverstrekker bereid zijn de hypothecaire geldlening te verstrekken. De geldverstrekker kan zo met voorrang de vordering verhalen, mocht de debiteur niet meer aan zijn verplichtingen voldoen.
|
Begrip:
Hypotheekregister
Een door het kadaster gevoerde openbare administratie waain alle gevestigde hypotheken staan geregistreerd.
|
Begrip:
Hypotheekrenteaftrek
De vergoeding die men verschuldigd is voor de hypothecaire lening. De rente over schulden die zijn aangegaan voor aankoop of verbetering van de eerste eigen woning zijn aftrekbaar van het belastbare inkomen.
|
Top
|